Natuurmuseum ‘de Wielewaal'
Lees ook onze folder.
(900KB pdf)

Unieke presentatie van de flora en fauna van de Lopikerwaard

De schilderachtige boerderij van Marijke en Lou Rijneveld ligt aan de Tiendweg 26 in het eeuwenoude dorpje Willige Langerak, aan de rand van de Lopikerwaard en nog net in de gemeente Lopik. Op eigen initiatief zijn ze in 1997 begonnen met een klein uniek museum dat een kleurrijk overzicht geeft van de flora en fauna van de Lopikerwaard. De prachtige en natuurlijk aangelegde tuin rondom de oude karakteristieke boerderij zijn een lust voor het oog en maken een bezoek aan het Natuurmuseum 'de Wielewaal' zeer de moeite waard.

Historie
In Cabauw stond in  1773 een rijtje van drie molens die de polders van Lopik bemaalden. Molenaar Versteegt bewoonde de middelste molen, die er overigens nog steeds staat. Hij wilde zijn geluk in Amerika beproeven en in 1891 kocht hij een stuk land, dat er bij aankomst niet bleek te zijn zodat de familie direct onverrichter zake huiswaarts moest keren. De molen was toen niet meer beschikbaar en hij moest ander werk zoeken.
Hij kwam terug in Willige Langerak en werd timmerman aldaar. Lou Rijneveld, achter- kleinkind van deze molenaar- timmerman, woont nu samen met Marijke sinds 1985 op de boerderij die zijn overgrootvader destijds voor zijn dochter bouwde. Lou en Marijke begonnen in 1997 met het Natuur Museum

(Je ziet hier de molen, door Lou Rijneveld geschilderd op de muur van het museum)

 

Passie voor de natuur.
Al vanaf zijn kinderjaren is Lou Rijneveld geboeid door de natuur. Hij had er een scherp oog voor en vond altijd doodgereden vogels of dieren langs of op de weg. Door de versnippering van het landschap en het steeds drukkere verkeer zijn miljoenen vogels en dieren jaarlijks daarvan het slachtoffer. Lou liet de vogels opzetten en bouwde zo een steeds grotere verzameling op. Hij was daarbij nadrukkelijk niet op zoek naar bepaalde vogels maar zijn drijfveer was om alleen vogels en dieren mee te nemen die hij vond. Inmiddels heeft de familie Rijneveld geen vee meer en werkt Lou voor een melkfabriek in Leerdam en onderhoudt hij als intermediair de contacten met de diverse melkveehouders.

In 1997 besloten Lou en Marijke de oude kapberg achter de boerderij te verbouwen en hierin de verzameling van dieren en vogels te gaan exposeren. Ze noemden het kleine natuurmuseum 'de Wielewaal' en het publiek maakte zo kennis met het prachtige en gevarieerde vogel -en dierenrijk van de Lopikerwaard. Tevens laten zij zo zien wat de gevolgen zijn van het voller worden van Nederland. Marijke vertelt: "We wilden het eerst een jaar proberen maar het museum sloeg zo aan dat we ermee zijn doorgegaan. De mensen die ons museum bezoeken vinden wat ze zien heel herkenbaar en nemen graag de interessante en leerzame informatie in zich op. Vooral ook kinderen genieten van de rondleiding in en buiten het museum".
Met veel enthousiasme ontvangt Marijke de bezoekers en geeft met heel veel passie, en plezier rondleidingen in het museum. "Ik wil graag mijn eigen betrokkenheid en liefde voor de natuur overbrengen op de mensen", vervolgt de energieke gastvrouw. "En dan is het toch heel eervol en dankbaar om te zien dat veel mensen er iets van meenemen".
Op het, met veel groen omgeven, intieme terras drinken de bezoekers graag een kopje koffie of thee, smult men van de overheerlijke eigengemaakte Wielewaalkoek en geniet men van de natuurlijke sfeer en de rustgevende omgeving. Inmiddels is het museum, door de verbouwingen behoorlijk uitgebreid.
Binnen in het museum heeft Lou prachtige muurschilderingen gemaakt van diverse vergezichten uit de omgeving. De schilderingen van de molen van Cabauw, de twee kerken van Benschop en de natuurlijke omgeving met diverse vogels en dieren, zijn ronduit prachtig en spreken voor zich.
Door de goede mond-tot-mond reclame heeft het museum bekendheid gekregen en ontvangt de familie Rijneveld steeds meer bezoekers. Diverse verenigingen, rotaryclubs, wijnproeverijen, scholen, wandelaars en passanten op de fiets bezoeken het natuurmuseum.
Na de rondleiding in het museum kan er een mooie wandeling gemaakt worden door de kleurrijke, haast sprookjesachtige tuin. Naast de kapberg groeien diverse soorten pompoenen en achter in de tuin is een prachtige, mooi gelegen en natuurlijke vijver met daarin een oude schouw. Reigers, diverse watervogels, zangvogels en zelfs ijsvogeltjes vertoeven in en rondom het water. Via een idyllisch laantje met knotwilgen komt men weer bij het museum.
Naast het geven van rondleidingen en de bezoekers voorzien van een drankje en een hapje in en rond het museum, geeft Marijke in haar vrije tijd ook wilgenteencursussen. Op zo'n cursus worden van wilgentenen diverse diercreaties, figuren en broedkorven gemaakt.

Klompenwinkel
In juni 2006 heeft het natuurmuseum de klompenwinkel van buurvrouw Ineke van de Knaap overgenomen. Een schuur bij het museum is nu ingericht als winkel en men kan hier terecht voor touw, borstelwerk, laarzen, klompschoenen en diverse soorten authentieke Hollandse klompen. Tripklompen, kippen- en paardenklompen, beschilderde en naturel klompen van verschillende leest en in diverse prijsklassen. Populierenhout en wilgenhout zijn de meest gebruikte houtsoorten voor klompen. De klompen collectie is een leuke aanvulling op het museum en die ook past in deze natuurlijke omgeving.

Maar bewust willen Marijke en Lou het natuurmuseum geen commerciële uitstraling geven en daarom hebben ze niet veel souvenirs. Voor een goede toegankelijkheid zijn de entreeprijzen laag gehouden. Het natuurmuseum 'de Wielewaal' is geopend van maart tot en met oktober, van dinsdag tot zaterdag, elke dag van 10.00 tot 17.00 uur. Maar ook buiten deze periode kan na telefonisch overleg het museum met een groep bezocht worden. Tip aan ouders en scholen: ieder kind zal een geweldige leuke en leerzame dag ervaren in dit unieke natuurmuseum op deze landelijke locatie.


Het prepareren van dieren
Het is een ingewikkelde procedure die vooraf gaat voordat een vogel of knaagdier in het museum staat. Vogels vliegen zich vaak dood tegen een ruit. Verder komen veel dieren om in het verkeer. Deze dieren moeten eerst beoordeeld worden of zij wel geschikt zijn om te prepareren. Het dier mag niet verminkt zijn. Als het een vogel betreft die geringd is, wordt er een melding gemaakt bij het Vogeltrekstation te Heteren. Daarna wordt er aangifte gedaan bij de politie en moet worden aangegeven dat het betreffende dier een natuurlijke dood is gestorven. Dan wordt er door de politie een vervoersvergunning afgegeven. De vervoersvergunning is slechts drie dagen geldig en binnen die periode moet het dier bij de preparateur zijn. Het natuurmuseum werkt met een preparateur in Eindhoven, die na het opzetten van het dier, het meest natuurlijke en echt lijkende resultaat biedt. Het prepareren zelf is een vakkundig proces waarbij het velletje met haar of veren zeer goed wordt schoon gemaakt en daarna op een nauwkeurige manier wordt opgevuld met houtswol of piepschuim.
Het natuurmuseum 'de Wielewaal' vult zijn verzameling vrijwel alleen aan met alleen vogels en dieren die het zelf vindt.


 

Joop Kurver
De IJsselbode, zomer 2006